|
Alle stukken bewegen precies zo als in het Schaakspel, met één verschil: GrootSchaak kent geen rokade.
De nieuwe stukken die in GrootSchaak geïntroduceerd worden bewegen als volgt:
 |
De Maarschalk combineert de zetmogelijkheden van Toren en Paard
|
 |
De Kardinaal combineert de zetmogelijkheden van Loper en Paard |
Ook promotie verschilt van het standaard Schaakspel:
- Een witte pion mag bij het betreden van de achtste of negende rij promoveren tot dame, maarschalk, kardinaal, toren loper of paard. Promotie is dan echter nog niet verplicht: de pion mag ook pion blijven. Voor een zwarte pion geldt hetzelfde mbt. de derde en tweede rij.
- Anders dan in het Schaakspel mogen pionnen uitsluitend vervangen worden door een eerder geslagen stuk van dezelfde kleur (dwz. dat een speler niet bv. twee dames of twee maarschalken of drie torens kan hebben).
- Bij het betreden van de tiende rij (de eerste voor zwart) is promotie verplicht. Indien er geen geslagen stuk beschikbaar is, mag de pion niet naar de tiende rij verplaatst worden (maar hij bestrijkt desondanks de velden van de tiende rij en kan dus wel schaak geven).
Een spel eindigt door schaakmat of pat als in het standaard Schaakspel.
|